Beleggingsavonturen in opkomende markten

Zuid-Afrika’s sportgeschiedenis en economische scorebord

Dit artikel is ook beschikbaar in: Engels, Vereenvoudigd Chinees, Frans, Duits, Italiaans, Spaans, Pools

Na het einde van de apartheid in 1994 had Zuid-Afrika, dat toen de naam ‘regenboognatie’ kreeg, heel wat om naar uit te kijken. In 2010 kwam het land extra onder de aandacht van de beleggers toen het een van de ‘BRICS’-landen werd, een groep van grote opkomende economieën, samen met Brazilië, Rusland, India en China. Hoewel zijn economie en demografie verschillen van die van de andere BRICS-landen, deelt het wel een ander kenmerk met Brazilië, Rusland en China: het was in de loop van de jaren het gastland voor diverse grootschalige sportevenementen. Vijf jaar geleden vond de FIFA-wereldbeker plaats in Zuid-Afrika, en twintig jaar geleden het wereldkampioenschap rugby – dat het land won. Maar net zoals sportteams slagen ook veelbelovende economieën er niet altijd in om hun volle potentieel waar te maken, en de Zuid-Afrikaanse economie heeft de afgelopen jaren veel tegenwind te verduren gekregen. Ik heb Johan Meyer, onze Senior Vice President en Managing Director, Zuid-Afrika, die in Kaapstad is gevestigd, gevraagd om zijn kijk te geven op de uitdagingen en kansen voor het Zuid-Afrika van vandaag.

 

Johan Meyer

Senior Vice President, Managing Director, Zuid-Afrika

Templeton Emerging Markets Group

 

Sport is een nationale obsessie in Zuid-Afrika, en volgens veel waarnemers speelde de internationale sportboycot van Zuid-Afrika in de jaren 70 en 80 een belangrijke rol bij het beëindigen van de apartheid. Voor veel mensen in Zuid-Afrika was het overhandigen van de rugbywereldbeker aan de aanvoerder van het winnende team van het land door de nieuw geïnstalleerde president Nelson Mandela, in een Springbok-trui, hét symboolmoment dat de gehate apartheid eindelijk ten einde was.

Het is nu 20 jaar sinds die cruciale gebeurtenis, en hoewel de resultaten van Zuid-Afrika in het wereldkampioenschap rugby dit jaar wat te wensen overlaten, valt het belang van sport in het land moeilijk te overschatten. Zuid-Afrika heeft sindsdien nog andere internationale sportevenementen georganiseerd, zoals het wereldkampioenschap cricket in 2003, samen met Kenia en Zimbabwe, en het FIFA-wereldkampioenschap in 2010.

Het bouwen en opknappen van infrastructuur zoals stadions, transport en accommodatie creëerde talrijke banen en ontwikkelde expertise en onschatbare ervaring voor de organisatie van deze sportevenementen van wereldklasse. Die vormt de tastbare weerspiegeling van Zuid-Afrika’s vermogen om dit soort grootschalige gebeurtenissen onder het licht van de spotlights van de hele wereld te organiseren. Daarnaast kwamen de internationale bezoekers, die anders weinig aandacht voor Zuid-Afrika hadden, in aanraking met de vele fantastische aspecten van het land. De langetermijneffecten van dit soort gebeurtenissen op de economie komen vooral op toeristisch gebied tot uiting. Zo is Kaapstad een bestemming van wereldklasse, met veel aantrekkelijke aspecten, zoals natuurpracht, gastronomie en zelfs avontuurlijke sporten.

De groei weer op koers krijgen

De groei van het bruto binnenlands product (bbp) van Zuid-Afrika zou dit jaar op 1,5% moeten uitkomen, gelijk aan de 1,5% van 2014.[1] Hoewel dat een positief cijfer is, denken wij dat het land over de nodige elementen en het potentieel beschikt om zijn economie nog sterker te doen groeien. De elektriciteitscrisis is een van de factoren die de groei dit jaar hebben afgeremd, omdat de rantsoenering en de stroomonderbrekingen om de druk op het netwerk te verlichten de productieactiviteit hebben aangetast, vooral in de industrie.

Zuid-Afrika en zijn buren (zoals Namibië, ook een deelnemer aan het wereldkampioenschap rugby van dit jaar) zijn rijk aan grondstoffen zoals goud, diamant en zelfs uranium. In Zuid-Afrika vertegenwoordigde de mijnbouwsector 8,3% van het bbp van 2013 in nominale termen, terwijl de primaire mineralenexport goed was voor 22,7% van de totale export.[2] De sector is duidelijk van doorslaggevend belang voor de algemene gezondheid van ’s lands economie. De laatste jaren is de industrie echter afgeremd door het capaciteitsgebrek inzake elektriciteitsproductie en de verouderende infrastructuur in veel mijnen, die de kosten opdrijven. In tijden van lagere grondstoffenprijzen proberen bedrijven te besparen op hun kosten, er is dan ook een verhoogde aandacht voor de efficiency. Sommige mijnactiva zijn ook niet langer levensvatbaar in een context van lage prijzen, wat druk zet op de werkgelegenheid.

De hardnekkig hoge werkloosheid (circa 25%) is volgens ons ongetwijfeld de belangrijkste uitdaging waar Zuid-Afrika tegenwoordig mee geconfronteerd wordt, en het is ook een belangrijk obstakel bij het verbeteren van de levenskwaliteit van een groot deel van de bevolking. Tegelijk worden de belastinginkomsten afgeremd door de lagere bedrijfswinsten, wat meer druk zet op de inkomsten- en verbruiksbelasting voor de financiering van de diverse steunprogramma’s van de overheid, zoals uitkeringen voor kinderen en ouderen.

Gelet op de huidige aftakeling in het grondstoffensegment staan veel bedrijven in deze sector onder zware druk om de kosten te beheersen, wat de impact op de werkgelegenheid nog versterkt. Het is volgens mij van cruciaal belang dat de overheid, de vakbonden en de werkgevers de handen in elkaar slaan om een flexibelere werkomgeving te scheppen die zich minder blindstaart op hoge instaplonen en meer oog heeft voor het algemene werkgelegenheidsniveau.

Het lijkt mij dat de leiders van Zuid-Afrika meer aandacht moeten hebben voor constructieve kritiek en meer bereid moeten zijn om fouten te erkennen en recht te zetten. Een sprekend voorbeeld daarvan zijn de recent ingevoerd visaregels. Bezoekers uit belangrijke toerismemarkten zoals China moeten nu zelf een visum aanvragen en hun biometrische gegevens laten registreren, wat tot een tijdrovend en duur proces leidt, zeker als de potentiële bezoekers lange afstanden moeten afleggen om naar een visumcentrum te reizen. Bovendien moeten gezinnen die met kinderen reizen, beschikken over een onverkort geboortecertificaat naast paspoorten voor de kinderen. Deze regel werd dit jaar ingevoerd om te helpen in de strijd tegen de kinderhandel op het continent, maar hij voegt ook extra complexiteit en bureaucratie toe voor toeristen. Op een moment dat de zwakke Zuid-Afrikaanse munt (de rand) Zuid-Afrika tot een bijzonder aantrekkelijke toeristische bestemming zou moeten maken voor internationale bezoekers, noteert het land integendeel een afname van het aantal bezoekers.

De stormen van de marktvolatiliteit doorstaan

De Zuid-Afrikaanse aandelenmarkt heeft het relatief goed gedaan dit jaar (stijging van 5,6% tot nu toe dit jaar[3]), zeker gelet op de recente wereldwijde marktvolatiliteit en ondanks de zwakke interne fundamentals. Als we de bedrijven bekijken waarvan de koers de afgelopen maanden goed gepresteerd heeft, is hun rode draad de buitenlandse blootstelling van de onderliggende activiteiten. Nu de Zuid-Afrikaanse rand daalt ten opzichte van de Amerikaanse dollar en andere grote valuta’s is het belang van niet-Zuid-Afrikaanse activiteiten toegenomen, zij vormen in bepaalde mate dan ook een afdekking tegen wisselkoersschommelingen. In combinatie met de doorgaans solide balansen en sterke managementteams maakt dat de Zuid-Afrikaanse aandelen aantrekkelijker voor veel beleggers, zeker in vergelijking met bijvoorbeeld de situatie in Brazilië, waar de markten extreem volatiel waren.

Zuid-Afrika is in grote mate gespaard gebleven van de recente wereldwijde marktvolatiliteit, ondanks de aanzienlijke verzwakking van de rand ten opzichte van de Amerikaanse dollar en andere grote valuta’s. De daling van de aardolieprijs van de afgelopen tijd was een belangrijke factor voor het in toom houden van de inflatie in Zuid-Afrika. De consumentenuitgaven hebben zich relatief veerkrachtig betoond, vooral bij de hogere inkomensgroepen. Deze werknemers met een goede baan krijgen vaak loonsverhogingen die de algemene inflatie overtreft, wat leidt tot hogere bestedingen. Er is een vertraging in de aankopen van duurzame consumptiegoederen zoals nieuwe auto’s, omdat de financiering duurder wordt door de hogere rentevoeten. Maar wij denken dat dit een positief kortetermijneffect zou moeten hebben op de basisconsumptiegoederen. De bedrijven in Zuid-Afrika lijken ons doorgaans conservatief beheerd, met een niet al te hoge schuldgraad, en het vooruitzicht van verdere rentestijgingen zou dan ook geen al te grote impact moeten hebben op de financiën van de plaatselijke bedrijven.

De impact van de aardolieprijs in Afrika

Ook elders op het continent ligt de inflatiedruk op Afrikaanse markten die aardoliegerelateerde producten invoeren – zoals Kenia – waarschijnlijk lager dankzij de daling van de internationale aardolieprijzen. Tegelijk staan de inkomsten in vreemde valuta in Kenia onder druk door het afgenomen aantal toeristen, vanwege veiligheidsproblemen, en de daling van diverse exportproducten zoals koffie. Al bij al lijkt de begrotingssituatie in Kenia ons nog relatief gunstig, met een centrale bank die de renteverhogingen op een meer afgemeten manier aanpakt dan tijdens de vorige cyclus, toen zowel consumenten als bedrijven van hun stuk werden gebracht door de snelle en aanzienlijke verhogingen.

Voor aardolie-exporteurs in Afrika zoals Nigeria en Angola liggen de zaken heel anders. Door de lagere aardolieprijs zijn de inkomsten in vreemde valuta in vrije val en de overheden van deze landen moeten dringend wat doen aan de in deze prijscontext exploderende begrotingstekorten. Nigeria is sterk gericht op de bescherming van zijn munt, maar krijgt het daarbij steeds moeilijker. Het beleggersvertrouwen heeft ook een deuk gekregen door de lange tijd die president Buhari nodig heeft om zijn kabinet samen te stellen. Deze situatie heeft echter een aantal interessante kansen gecreëerd bij consumptiebedrijven en banken in Nigeria die nu worden verhandeld tegen volgens ons aantrekkelijke koersen. Op korte termijn valt er waarschijnlijk weinig beterschap te verwachten, maar gelet op de gunstige demografie en de mogelijkheid van een hoger algemeen welvaartsniveau op langere termijn blijft Nigeria voor ons een belangrijke markt.

De verklaringen, meningen en analyses van Mark Mobius en Johan Meyer weerspiegelen hun persoonlijke opvattingen en zijn louter bestemd voor algemene informatieve doeleinden. Zij mogen niet worden beschouwd als individueel beleggingsadvies of een aanbeveling of verzoek om welke effecten dan ook te kopen, te verkopen of te houden of om welke beleggingsstrategie dan ook te gebruiken. Zij vormen geen juridisch of fiscaal advies. De informatie in dit document wordt verstrekt per de publicatiedatum en kan zonder kennisgeving veranderen en ze is niet bedoeld als een volledige analyse van elk belangrijk feit over een land, regio, markt of belegging.

Er kunnen bij de opstelling van dit materiaal gegevens van externe bronnen zijn gebruikt die niet door Franklin Templeton Investments (“FTI”) onafhankelijk zijn gecontroleerd of bevestigd. FTI aanvaardt geen aansprakelijkheid voor verliezen die voortvloeien uit het gebruik van deze informatie, en de gebruiker dient zelf te bepalen in welke mate hij wil vertrouwen op deze verklaringen, meningen en analyses. Producten, diensten en informatie zijn mogelijk niet in alle rechtsgebieden beschikbaar en worden door met FTI gelieerde ondernemingen en/of hun distributeurs alleen aangeboden als dat door de lokale wetten en regels wordt toegestaan. Gelieve uw eigen beleggingsadviseur te raadplegen voor nadere informatie over de beschikbaarheid van producten en diensten in uw rechtsgebied.

Wat zijn de risico’s?

Alle beleggingen gaan met risico’s gepaard, waaronder een mogelijk verlies van het ingelegde kapitaal. Beleggingen in buitenlandse effecten houden speciale risico’s in, zoals wisselkoersschommelingen en economische en politieke onzekerheid. Beleggingen in landen met een opkomende markt, waar frontiermarkten een subset van vormen, gaan gepaard met grotere risico’s die verband houden met dezelfde factoren, boven op de risico’s die verbonden zijn aan hun relatief geringe omvang, de lagere liquiditeit en het gebrek aan een gevestigd wettelijk, politiek, zakelijk en sociaal kader om effectenmarkten te ondersteunen. Omdat deze kaders doorgaans nog minder ontwikkeld zijn op de frontiermarkten, en gelet op diverse factoren zoals het hogere risico van extreme koersvolatiliteit, illiquiditeit, handelsbarrières en deviezencontroles, gelden de risico’s van de opkomende markten nog sterker voor frontiermarkten.

[1] Bron: Statistics South Africa. Er is geen garantie dat voorspellingen of schattingen zullen worden verwezenlijkt.

[2] Bron: Chamber of Mines of South Africa, Facts & Figures 2013/2014.

[3] Bron: FTSE JSE All-Shares Index; Bloomberg LP, Johannesburg Stock Exchange. Per 7 oktober 2015. Indexen worden niet beheerd en er kan niet direct in een index worden belegd. In het verleden behaalde resultaten bieden geen garantie voor de toekomst. Raadpleeg www.franklintempletondatasources.com voor nadere informatie over de gegevensverstrekkers.

Leave a reply

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een* Verplichte velden zijn gemarkeerd met *