Beleggingsavonturen in opkomende markten

De economische kosten van de Braziliaanse uitgavenboom

Dit artikel is ook beschikbaar in: Engels, Vereenvoudigd Chinees, Frans, Duits, Italiaans, Spaans, Pools

Brazil_view1Brazilië heeft de afgelopen jaren een uitgavenboom gekend, die helaas geen wezenlijke groei heeft opgeleverd maar wel negatieve economische gevolgen heeft gehad. Naast de enorme uitgaven voor de FIFA World Cup™ deze zomer en de Olympische Spelen in 2016, heeft de Braziliaanse nationale aardoliemaatschappij miljarden dollars uitgegeven aan geldverslindende exploratie, productie en energieontwikkeling. Er zijn ook middelen gepompt in andere grootschalige projecten, zoals een grote petrochemische fabriek en diverse sociale programma’s voor bevolkingslagen met lage inkomens. Het gaat Brazilië niet echt voor de wind, maar wij denken dat wezenlijke hervormingen om investeringen open te stellen voor de privésector het land zouden kunnen helpen om weer op koers te geraken en wat druk van de overheidsmiddelen weg te nemen.

De situatie in Brazilië is onderhand zo kritiek geworden dat het ratingbureau Standard & Poor’s onlangs de kredietrating van het land verlaagde van BBB naar BBB-, de laagste schijf binnen het beleggingskwaliteitssegment, door de aftakeling van de overheidsfinanciën en het gebrek aan vertrouwen in het economische beheer. Deze ingreep lijkt de druk op de Braziliaanse overheid om orde op zaken te stellen in haar financiën te hebben opgevoerd, en de Braziliaanse autoriteiten kondigden dan ook aan dat zij overwegen om de belastingen te verhogen om de tegenvallende belastinginkomsten te compenseren.

In februari beloofde de Braziliaanse minister van Financiën, Guido Mantega, om de overheidsuitgaven dit jaar met USD 18 miljard terug te schroeven. Hij bleef echter nogal vaag over de manier waarop hij dacht dat te volbrengen. De meeste waarnemers (zoals ondergetekende) denken dat het verminderen van de overheidsuitgaven op korte termijn moeilijk tot onmogelijk is, gelet op de presidentsverkiezingen in oktober.

De Braziliaanse economische groei (2,3% in 2013, voor 2014 wordt een zelfde niveau voorspeld[1]) ligt niet hoog genoeg om voldoende kapitaal te genereren en te beantwoorden aan de sociale en infrastructuurbehoeften van de jonge bevolking. De door de staat gecontroleerde banken verstrekken heel wat leningen, maar een groot deel daarvan is volgens ons aan de riskante kant, wat zou kunnen leiden tot een toename van de dubieuze leningen. Sommige waarnemers denken dat de staat verplicht zal zijn om extra kapitaal in deze banken te injecteren. Dat zou natuurlijk leiden tot een hogere verhouding overheidsschuld/bbp.

De hervormingen zijn cruciaal, maar ze worden volgens ons te traag ingevoerd, omdat het politieke besluitvormingsproces in Brazilië een brede consensus en heel wat onderhandelingen vereist. Voor sommige hervormingen is een aanpassing van de Braziliaanse grondwet vereist, die moet worden goedgekeurd door een volle meerderheid in beide kamers van het Congres – geen eenvoudige zaak, gelet op de ruime verschillen in de belangen van de verschillende groepen in dit onmetelijke land.

De slinger van de volksmening

In 2013 werd in diverse Braziliaanse steden gedemonstreerd tegen een verhoging van de bustarieven, corruptie en de slechte infrastructuur. Tot dan mocht de Braziliaanse regering zich verheugen in een sterke populariteit, dankzij de lage werkloosheid en een aantal populistische programma’s. Begin 2013 stond zo’n 70% van de bevolking nog achter president Dilma Rousseff, maar aan het einde van dat jaar was dat gedaald tot 30%. Ondanks haar tanende populariteit zouden de meningsverschillen bij de oppositie Rousseff toch nog aan een herverkiezingsoverwinning in oktober kunnen helpen.

Gelet op de stijgende schuldgraad van de Braziliaanse overheid is er gebrek aan geld uit de privésector om de infrastructuur van het land te helpen ontwikkelen. De huidige plannen gaan uit van een groot aantal concessies aan de privésector voor de exploitatie van snelwegen, spoorwegen, internationale luchthavens en andere diensten. Door de Olympische Spelen van 2016 kan de regering zich geen getalm permitteren. De luchthavens hebben dringend een beter bestuur en betere infrastructuur nodig, willen zij de miljoenen verwachte bezoekers kunnen verwerken. Eind 2013 was ik opgelucht dat het beheer van de inefficiënte luchthaven van Rio de Janeiro zou worden overgedragen aan een in Singapore gevestigde onderneming. Ook op andere gebieden worden vergelijkbare contracten en concessies toegewezen.

Carnaval — en de woningnood in Brazilië

Mijn team en ik zijn begin maart naar Brazilië gereisd. Onze eerste bestemming was Rio de Janeiro, een magneet voor miljoenen mensen tijdens carnaval, dat wordt gevierd in de aanloop naar de christelijke vastentijd. Terwijl een groot deel van de plaatselijke bevolking de stad en haar lawaai en verkeersinfarcten ontvlucht, stromen anderen uit heel Brazilië en de rest van de wereld toe voor een week van plezier en shows. Op het Carnavalsbal in het befaamde Copacabana Palace Hotel middenin Copacabana Beach wordt het feest afgetrapt, en het duurt voort tot in de vroege ochtenduurtjes. Daarna verplaatst het actieterrein zich naar de Sambodromo, een stukje weg van een kilometer met boxen en stands voor 80.000 kijkers, waar ‘scholen’ uit diverse buurten komen pronken met schitterende praalwagens, drummers en muziek, voor een spectaculaire optocht. In de straten van Rio komen ‘blokken’ van honderden of zelfs duizenden feestvierders samen in alle buurten van de stad om te drinken en te dansen op de muziek van hun eigen sambabands. Het resultaat is natuurlijk overvolle en lawaaierige straten, en de schoonmaakdiensten van de stad zijn dan ook de klok rond in de weer om de rommel op te ruimen in hun oranje werkpakken. Zij vinden echter dat zij onderbetaald zijn en voor de vakbonden is carnaval een uitstekende gelegenheid om hogere lonen te eisen. Zo zagen wij in een bepaald district hoe een grote schoonmaakploeg het werk neerlegde. Het dispuut kon gelukkig worden uitgepraat met de stadsambtenaren, voor zover ik heb begrepen dankzij de toezegging van een loonsverhoging.

Terwijl ik langs de strandboulevard reed in Ipanema, waar de bekende song “Girl from Ipanema” uit afkomstig is, kon ik de sloppenwijken (favela’s) zien die langs de heuvels boven het strand oprezen. Ik merkte op tegen de chauffeur van mijn taxi dat de mensen in deze favela’s wel een schitterend uitzicht hadden, en dat het jammer was dat de meesten van hen geen wettelijke eigenaar van hun grond waren: anders zouden zij wellicht beter af zijn, en dankzij stijgende vastgoedprijzen later hun grond zelfs kunnen verkopen voor een aardig sommetje. Ik was dan ook opgetogen van hem te horen dat er een overheidsprogramma is opgezet om de mensen in de favela’s wettelijke eigendomsrechten te geven.

Ik denk dat dit programma zeer belangrijk is, omdat een wettelijke eigendom ook toegang biedt tot kapitaal om de woningen en buurten van de inwoners in de favela’s te verbeteren. Uit mediaberichten blijkt dat al voor meer dan 100.000 woningen, zo’n 23% van de woningen in Rio’s favelagemeenschappen, een procedure is opgestart om wettelijke eigendomsrechten toe te kennen.[2] Het is een ingewikkeld proces, waar diverse overheidsinstanties bij betrokken zijn, maar er is hoop, en de kranten in Brazilië delen de droom dat de favela-inwoners ooit wettelijke woningeigenaars worden. De vastgoedprijzen stijgen pijlsnel in Rio, in sommige gevallen zijn de woningkosten de afgelopen drie jaar verdubbeld. Een eigendomsakte geeft niet alleen recht op een actief dat in waarde kan stijgen, maar bezorgt de inwoners ook een officieel adres voor de banken en rechtbanken, wat kan helpen om krediet te verkrijgen.

Daarnaast wordt nu ook de misdaad in de favela’s aangepakt, met een zeker succes. De politie opent nu kantoren in de favela’s, in plaats van af en toe een razzia te houden tegen drugs- en wapenhandelaren, en het nieuwe programma heeft het wonen er veiliger gemaakt.

In dat verband is in 2009 het overheidsprogramma “Minha Casa, Minha Vida” (“Mijn huis, mijn leven”) aangekondigd. Het is bedoeld om een woning te bezorgen aan miljoenen mensen die er anders geen toegang toe zouden hebben. Volgens de schattingen leven 7 miljoen gezinnen in armzalige omstandigheden, en het doel was tegen 2016 een miljoen nieuwe woningen te bouwen. Dat doel is nu al bereikt, en het is dan ook uitgebreid, weliswaar met een prijskaartje dat tot in de tientallen miljarden dollars loopt. De staatsbank Caixa Econômica Federal, die onder directe zeggenschap van het ministerie van Financiën staat, verstrekt leningen met lage rente aan eigenaars, voor een groot deel ook in de favela’s.

Het programma omvat ook bedrijven uit de privésector die meewerken om de woningnood in het land te helpen lenigen. Wij hadden een ontmoeting met de directeur van een bedrijf dat actief is in alle stadia van een typisch lagekostenproject voor woningontwikkeling, zoals verwerving van de grond, ontwikkeling, bouw en verkoop. In alle steden waar het bedrijf actief is, biedt het twee producten aan voor klanten met lage inkomens: units van 40 tot 55 vierkante meter nuttige oppervlakte en een verkoopprijs van minder dan $ 100.000 Braziliaanse real (Rs) (circa USD 45.000– USD 46.000), en units van 42 tot 70 vierkante meter nuttige oppervlakte en een prijs die varieert van R$ 70.000 tot R$ 140.000 (circa USD 32.000 – USD 64.000). Er is een sterke vraag, en het management denkt dat de Braziliaanse bedrijven veel minder produceren dan de markt kan verwerken.

Een andere woningontwikkelaar die wij bezochten, bood een ruim assortiment van afgewerkte woningen aan voor de hogere midden- en hogere inkomensklassen, maar hij positioneert zich nu steeds actiever op de markt van de betaalbare woningen op instapniveau. Alles bij elkaar genomen waren wij opgetogen over de uitbreiding van de woningprojecten in Brazilië.

Meestal is voor de aankoop van een woning natuurlijk een financiering vereist. Er is een zekere bezorgdheid over de toename van de hypotheken, vooral via financiering door staatsbanken, die voor sommige gezinnen te zwaar zouden kunnen worden. De schuldgraad van de huishoudens in Brazilië bedraagt momenteel meer dan 40% van het inkomen. De hypotheken vertegenwoordigen momenteel circa een derde van die schuld[3], maar dat percentage neemt toe door de overheidsprogramma’s.

Mark Mobius in Brazilië
Mark Mobius in Brazilië

Als beleggers in Brazilië bekijken wij het grote plaatje, wij houden rekening met de langetermijnvooruitzichten van het land en focussen meer op de consumenten dan op de politiek. Wij denken dat veel consumentgerichte bedrijven het goed zouden moeten blijven doen op individuele basis, wat een bottom-up analyse en een actief beheer volgens ons van doorslaggevend belang maakt. De woningsector in Brazilië is daar maar één voorbeeld van.

Brazilië heeft zeker geen gebrek aan uitdagingen, en er heerst bezorgdheid dat het land afstevent op een recessie, wat de consumentenuitgaven en de investeringsuitgaven onder druk zou zetten. Als de Braziliaanse regering de belastingen verhoogt in een context van kwetsbare economische en sociale omstandigheden, kan dat de druk nog opvoeren. Wij hebben echter goede hoop dat de vele positieve resources en het potentieel waar Brazilië volgens ons over beschikt de bovenhand zullen halen, en dat de komende grootschalige sportevenementen de hervormingen, investeringen en groei een stevige duw in de rug zullen geven.

De verklaringen, meningen en analyses van dr. Mobius zijn louter bedoeld ter informatie, zij mogen niet worden beschouwd als individueel beleggingsadvies of een aanbeveling om te beleggen in welke effecten dan ook of om welke beleggingsstrategie dan ook te gebruiken. Omdat markt- en economische omstandigheden snel kunnen veranderen, betreffen de opmerkingen, opinies en analyses de datum van dit document en kunnen zij zonder voorafgaand bericht veranderen. Dit document is niet bedoeld als een volledige analyse van alle wezenlijke feiten betreffende een land, regio, markt, sector, belegging of strategie.

Alle beleggingen gaan met risico’s gepaard, waaronder een mogelijk verlies van het ingelegde kapitaal. Beleggingen in buitenlandse effecten houden speciale risico’s in, zoals wisselkoersschommelingen en economische en politieke onzekerheid. Beleggingen in landen met een opkomende markt, waar frontiermarkten een subset van vormen, gaan gepaard met grotere risico’s die verband houden met dezelfde factoren, boven op de risico’s die verbonden zijn aan hun relatief geringe omvang, de lagere liquiditeit en het gebrek aan een gevestigd wettelijk, politiek, zakelijk en sociaal kader om effectenmarkten te ondersteunen. Omdat deze kaders doorgaans nog minder ontwikkeld zijn op de frontiermarkten, en gelet op diverse factoren zoals het hogere risico van extreme koersvolatiliteit, illiquiditeit, handelsbarrières en deviezencontroles, gelden de risico’s van de opkomende markten nog sterker voor frontiermarkten.

[1] Bron: IMF World Economic Outlook, januari 2014. © 2014 Internationaal Monetair Fonds. Alle rechten voorbehouden.

[2] Per december 2013.

[3] Bron: Banco Central do Brasil, per maart 2014.

Twitter

Leave a reply

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een* Verplichte velden zijn gemarkeerd met *