Beleggingsavonturen in opkomende markten

Een kwarteeuw van beleggingen op de opkomende markten

Dit artikel is ook beschikbaar in: Engels, Vereenvoudigd Chinees, Frans, Duits, Spaans, Pools

Elk land heeft ooit een periode doorgemaakt waarin het als ‘opkomend’ kon worden aangemerkt. In de jaren 1800 werd het westelijke deel van de Verenigde Staten de ‘new frontier’ genoemd. Beleggers die er landbouwgrond kochten, werden beschouwd als sterk speculatieve avonturiers, die hun geld in wild en onherbergzaam gebied staken. En rond 1960 kon ook Japan nog worden gezien als een opkomende markt, die goedkope artikelen exporteerde en gebukt ging onder een zwakke valuta en een onzekere politieke toekomst. Op dat moment was beleggen in Japan voor velen een gewaagde pioniersonderneming, maar er konden wel degelijk goede zaken worden gedaan voor wie selectief te werk ging – en geduld had. Weinigen konden dan ook vermoeden dat Japan zo snel zou opklimmen na de Tweede Wereldoorlog, om uit te groeien tot een technologische leider en een wereldmacht. Ook China heeft de afgelopen decennia een ongelooflijk snelle en door weinigen voorspelde economische omwenteling meegemaakt.

Het investeringspotentieel van de ontwikkelingslanden staat nu al een tijd buiten kijf, maar het feitelijke ontstaan en de klassering van de opkomende markten als een aparte beleggingscategorie, op een gestructureerde en erkende wijze, is waarschijnlijk terug te voeren op een bepaalde gebeurtenis in de recente geschiedenis. In 1986 introduceerde International Finance Corporation (IFC), een dochteronderneming van de Wereldbank, een campagne om de ontwikkeling van de kapitaalmarkten te stimuleren in deze zogeheten onderontwikkelde landen, die weinig flatterende labels kregen zoals ‘derdewereldlanden’. Rond die tijd belegde een handvol institutionele beleggers USD 50 miljoen in een strategie voor opkomende markten, op verzoek van de IFC en de Wereldbank. Een jaar later, in 1987, waren er twee andere mijlpalen in de geschiedenis van het beleggen in de opkomende markten: MSCI ontwikkelde zijn eerste indexen voor opkomende markten,[1] en waarschijnlijk belangrijker nog, vanuit ons perspectief althans, de Templeton Emerging Markets Group begon portefeuilles aan te bieden om gewone beleggers toegang te geven tot opkomende markten.

Toen we portefeuilles voor opkomende markten begonnen te beheren, was dat in veel opzichten geen vanzelfsprekende zaak. Hoewel er volgens ons veel interessante opkomende landen waren in Azië, Afrika, Latijns-Amerika en Europa, stond slechts een handvol ervan ook open voor buitenlandse beleggers. Er golden strenge deviezencontroles en -beperkingen, naast een hele reeks andere problemen in verband met marktliquiditeit, corporate governance en de bewaring van effecten. Toen we startten met het investeren in opkomende markten, waren er maar enkele toegankelijk voor ons. We hadden het vaak niet makkelijk om ons geld aan het werk te zetten. Vanuit beleggingsstandpunt waren veel opkomende markten aanvankelijk een soort exclusieve club voor de rijken, maar dat evolueerde relatief snel naar de meer gelijke en open marktpraktijken die tegenwoordig een breed publiek van wereldwijde beleggers aantrekken.

Zo herinner ik me hoe aan het begin van de jaren 90 de handel op de Russische aandelenmarkt begon rond drie uur ’s middags, wanneer een luxeauto voor het beursgebouw parkeerde en er grote pakken geld werden binnengedragen. Aan lange tafels wachtten makelaars op de burgers, die aandelenvouchers hadden gekregen. Die vouchers konden worden ingewisseld voor aandelen in de pas geprivatiseerde Russische vennootschappen, waarop de aandelen op de beurs konden worden verkocht. Rond zes uur ‘s avonds keerde de auto terug om de vouchers te verzamelen die de makelaars voor een spotprijs hadden gekocht. Als beleggers werden wij toen geconfronteerd met een extreem onstabiele omgeving, waarbij we vaak te horen kregen: “Vertrouw ons nu maar!”… Het overgrote deel van de Russische aandelen werd zo weinig verhandeld dat we dagen, soms zelfs weken, moesten wachten om een deal te kunnen sluiten. Dat is nu wel even anders! Vandaag kunnen beleggers handelen in een breed spectrum van aandelen, opties en grondstoffenfutures, op een elektronisch platform, dag en nacht, en niet alleen in Rusland, maar in vrijwel alle opkomende markten ter wereld.

Het was de eerste aanzet tot een hele reeks fascinerende ontwikkelingen en het openstellen van veel markten voor buitenlandse beleggingen. De afgelopen 25 jaar kwam er een einde aan de apartheid in Zuid-Afrika, betere toegang tot de Oost-Europese economieën (Rusland inbegrepen), de opening van India voor buitenlandse beleggers en natuurlijk in China de overschakeling op het kapitalisme en de snelle verstedelijking. Vandaag kunnen wij beleggen in uiteenlopende opkomende markten over de hele wereld, en zelfs in een aantal ‘frontiermarkten’, een subcategorie van minder ontwikkelde markten, die onder andere de meeste landen op het Afrikaanse continent omvat. Wij zijn sterk geboeid door het potentieel voor deze frontierlanden tijdens de komende 25 jaar. Vele ervan groeien immers ‘als kool’ en maken gretig gebruik van de recentste technologische ontwikkelingen, zoals mobiele financiën en e-commerce. De jongere en groeiende bevolking in deze landen resulteert doorgaans in een toenemende consumptie en middenklasse.

Slide2

Redenen voor optimisme

Het beleggingsteam van Templeton voor de opkomende markten is gegroeid van amper drie portefeuillebeheerders/analisten zo’n 25 jaar geleden naar 52 vandaag, en wij hebben onze aanwezigheid ter plaatse uitgebreid van slechts één onderzoekskantoor in Hongkong (dat de deuren opende in 1987) naar 18 vestigingen in Azië, het Midden-Oosten, Europa en Latijns-Amerika.

Er zullen altijd uitdagingen zijn in ieder land, en ontwikkelde landen zijn zeker niet immuun voor problemen zoals corruptie en tegenvallers in hun markten en economieën. Tijdens deze tijdelijke perikelen blijven wij echter gefocust op de lange termijn en op het potentieel dat de opkomende markten volgens ons inhouden. Wij hechten ook sterk belang aan een aanwezigheid ter plaatse, om de situatie met eigen ogen te kunnen bekijken en gesprekken te hebben met individuele bedrijven in een land, en zo zicht te krijgen op hun specifieke fundamenten en potentieel. Dat kan waardevolle inzichten opleveren die je niet uit de analyse van big data haalt. Zo bezochten mijn team en ik tijdens een recente trip naar een Afrikaans land een levensmiddelenbedrijf, waar het management duidelijk zijn best had gedaan om een overtuigend beleggingsverhaal op te stellen. Toen we echter een plaatselijk warenhuis bezochten, stelden we vast dat hun producten verstopt zaten op afgelegen of lage rekken, waardoor de consument de producten van het bedrijf moeilijk kon vinden.

Een ander sprekend voorbeeld: Toen ik in 1995 Brazilië bezocht, heerste er een gevoel van frustratie bij de bedrijfsleiders door de economische problemen van het land, zoals de trage groei en de recente geschiedenis van hyperinflatie. Toen ik echter een praatje hield met een vrouw op straat, kreeg ik een wat positiever verhaal te horen. Zij vertelde me dat door de consumptie-inflatie van drie cijfers tijdens het vorige jaar, zij geen idee had hoeveel haar loon zou bedragen, door het loonindexeringssysteem in het land. Op het moment van mijn bezoek was de inflatie echter aan het afnemen, en was zij al gedaald tot twee cijfers, iets waar zij opgetogen over was. Zij vertelde dat zij niet langer om de haverklap naar de bank moest hollen om geld af te halen en zich dan naar de winkel moest reppen om inkopen te doen voor haar geld in waarde was gehalveerd. Nu kon zij weer beginnen vooruit te denken. Dit soort standpunten wees op een verbetering van het consumentenvertrouwen, wat mogelijkheden bood voor een herstel van de economie.

Ik denk dat de openstelling voor buitenlands kapitaal en de trend naar privatisering sleutelfactoren zijn geweest in de groei en ontwikkeling van de opkomende markten tijdens de afgelopen decennia, en een van mijn grootste punten van bezorgdheid is het risico dat sommige landen deze deur weer sluiten. Los van dat risico zijn er volgens ons drie basisredenen om vandaag optimistisch te zijn over het potentieel van de opkomende landen.

  • De opkomende markten zijn gemiddeld zo’n 3-5 maal sneller gegroeid dan de ontwikkelde landen, en veel frontiermarkten zijn zelfs nog sneller gegroeid.[2]
  • De opkomende landen beschikken vaak over grotere buitenlandse reserves dan de meeste ontwikkelde landen.[3]
  • De verhouding schuld tot bruto binnenlands product (BBP) van de opkomende markten ligt doorgaans veel lager dan bij de ontwikkelde markten.[4]

Slide1

Alles bij elkaar genomen, zijn er volgens ons dus heel wat redenen om de toekomst van de opkomende en frontiermarkten rooskleurig in te zien, en wij geloven dat hun aandeel in het wereldwijde belegbare universum verder zal groeien. Beeld je maar eens in wat de komende 25 jaar kunnen brengen!

De verklaringen, meningen en analyses van Mark Mobius zijn louter bedoeld ter informatie, zij mogen niet worden beschouwd als individueel beleggingsadvies of een aanbeveling om te beleggen in welke effecten dan ook of om welke beleggingsstrategie dan ook te gebruiken. Omdat markt- en economische omstandigheden snel kunnen veranderen, betreffen de opmerkingen, opinies en analyses de datum van dit document en kunnen zij zonder voorafgaand bericht veranderen. Dit document is niet bedoeld als een volledige analyse van alle wezenlijke feiten betreffende een land, regio, markt, sector, belegging of strategie.

Belangrijke wettelijke informatie

Alle beleggingen gaan met risico’s gepaard, waaronder een mogelijk verlies van het ingelegde kapitaal. Beleggingen in buitenlandse effecten houden speciale risico’s in, zoals wisselkoersschommelingen, economische instabiliteit en politieke ontwikkelingen. Beleggingen in landen met een opkomende markt, waar frontiermarkten een subset van vormen, gaan gepaard met grotere risico’s die verband houden met dezelfde factoren, boven op de risico’s die verbonden zijn aan hun relatief geringe omvang, de lagere liquiditeit en het gebrek aan een gevestigd wettelijk, politiek, zakelijk en sociaal kader om effectenmarkten te ondersteunen. Omdat deze kaders doorgaans nog minder ontwikkeld zijn op de frontiermarkten, en gelet op diverse factoren zoals het hogere risico van extreme koersvolatiliteit, illiquiditeit, handelsbarrières en deviezencontroles, gelden de risico’s van de opkomende markten nog sterker voor frontiermarkten. Aandelenkoersen vertonen soms snelle en scherpe schommelingen als gevolg van factoren die een invloed hebben op individuele bedrijven, specifieke sectoren of bedrijfstakken, of op de algemene marktomstandigheden.

[1]. De indexen MSCI Emerging Markets en MSCI All Country World zijn geïntroduceerd op 31 december 1987. Bron: MSCI. MSCI geeft geen uitdrukkelijke of impliciete garanties en kan op geen enkele manier aansprakelijk worden gesteld voor enige MSCI-gegevens die hierin zijn opgenomen. De MSCI-gegevens mogen niet verder worden verspreid of gebruikt als basis voor andere indexen, effecten of financiële producten. Dit verslag is niet goedgekeurd, gecontroleerd of opgesteld door MSCI.

[2]. Bron: IMF World Outlook Database, april 2014. © Internationaal Monetair Fonds. Alle rechten voorbehouden.

[3]. Ibid.

[4]. Ibid.

 

Twitter

Leave a reply

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een* Verplichte velden zijn gemarkeerd met *