Beleggingsavonturen in opkomende markten

Indonesisch optimisme

Dit artikel is ook beschikbaar in: Engels, Vereenvoudigd Chinees, Frans, Duits, Italiaans, Spaans, Pools

104_Jakarta_TEMG--1-Batik_small
De Templeton Emerging Markets Group in Jakarta, in traditionele Indonesische batikkleding.

Zuidoost-Azië is tegenwoordig een van de snelst groeiende regio’s ter wereld, en ons enthousiasme over deze beleggingsregio is dan ook groot. De Templeton Emerging Markets Group hield in september zijn halfjaarlijkse analistenconferentie in Jakarta, en een van de belangrijkste redenen voor het kiezen van die locatie was het observeren en bespreken van de veranderingen en uitdagingen waar het nieuwe bewind van president Joko Widodo nu voor staat. Ik heb mijn collega Tek Khoan Ong gevraagd om enkele gedachten neer te pennen over de huidige vooruitzichten en beleggingskansen in Indonesië.

Tek Khoan Ong
Tek Khoan Ong

Tek Khoan Ong, CFA®
Senior Executive Vice President, Managing Director
Templeton Emerging Markets Group

Als beleggers in Indonesië vinden wij veel zaken waarover wij enthousiast zijn. Indonesië heeft een grote en jonge bevolking die snel verstedelijkt, wat de inkomsten- en consumptiegroei stimuleert. Indonesië heeft met 240 miljoen inwoners de op 3 na grootste bevolking ter wereld (op 4 na, als de Europese Unie in zijn geheel in aanmerking wordt genomen, per 2013), waarvan meer dan 40% jonger is dan 25.[1] De grondstoffenrijke economie van Indonesië is de op 15 na grootste ter wereld, en zou tegen 2030 de op 6 na grootste kunnen worden als de trend van een bbp-groei van 5-6% per jaar aanhoudt.[2] Alleen al de stedelijke bevolking van 110 miljoen zal naar verwachting stijgen tot meer dan 200 miljoen tegen 2030,[3] en de consumptie-uitgaven stijgen snel onder de naar schatting 45 miljoen Indonesiërs met een gemiddeld inkomen.[4] Dat betekent dat de economische macht van Indonesië tegen 2030 zelfs de economieën van alle EU-landen zou kunnen overtreffen, inclusief Duitsland en het Verenigd Koninkrijk.

Wij geloven dat de toenemende welvaart in Indonesië, als dichtstbevolkt land in Zuidoost-Azië, de hele regio ten goede zal komen.

1014_Indonesia_UrbanPop_dut

Hoge verwachtingen over de president van het volk

Verkozen als “president van het volk” vanwege zijn bescheiden achtergrond en zijn mooie staat van dienst als burgemeester van Solo en als gouverneur van Jakarta, zijn er hooggespannen verwachtingen dat president Joko Widodo (of “Jokowi”, zoals hij populair bekendstaat) zijn successen in die steden kan overdoen in het hele land. Wij geloven dat hij het hart op de juiste plaats heeft, dat zij intenties oprecht zijn en dat hij een goed kernteam rond zich heeft om hem te helpen, al zal hij onderweg zeker obstakels tegenkomen. Jokowi, die wordt beschouwd als een politieke buitenstaander, staat voor een aantal uitdagingen, waaronder omgaan met zijn eigen partij, de Indonesian Democratic Party-Struggle (PDI-P), en een gefragmenteerd parlement. Een goed voorbeeld is de selectie van zijn kabinet: een praktische combinatie en een van de sterkere regeringsteams in jaren, maar met sommige leden die niet zijn eerste keus waren. Dan zijn er ook nog de kwesties van corruptie en een vertragende economie met een dubbel tekort (begroting en lopende rekening). Jokowi’s grootste uitdaging zal waarschijnlijk echter zijn te voldoen aan de verwachtingen van de Indonesische bevolking.

Over de brandstofsubsidies, een nalatenschap van voormalig president Suharto, woedt binnen het nieuwe regime een verhit debat. De brandstofsubsidies bedragen in totaal US$20-25 miljard per jaar, of ongeveer 20% van het budget van Indonesië, ten opzichte van 10% voor infrastructuur en 5% voor gezondheidszorg.[5] De brandstofsubsidies waren bij hun introductie bestemd om de armen te helpen, maar ze zijn ook de rijken ten goede te komen, dus het is een niet-efficiënte maatregel. Volgens ons zouden lagere brandstofsubsidies Indonesië moeten helpen zijn begrotingstekort te verlagen en zijn middelen beter te besteden voor broodnodige hervormingen in infrastructuur, gezondheidszorg en onderwijs. In de boekjaren 2005/2006 en 2008/2009 waren er al stijgingen van de brandstofprijzen, en recent ook nog in 2013. Dergelijke prijsstijgingen gingen vergezeld van maandelijkse geldsubsidies voor de armste gezinnen gedurende 2 tot 9 maanden. Een mogelijke politieke nasleep als gevolg van een dergelijke verlaging of opheffing van subsidies zal volgens ons tijdelijk zijn, vooral gelet op de populariteit van de president en zijn vermogen om de massa op de been te brengen.

Corruptie en bureaucratische inefficiëntie: er is nog werk aan de winkel

Indonesië heeft vooruitgang geboekt in het aanpakken van corruptie door de oprichting van de anti-corruptiecommissie, de Komisi Pemberantasan Korupsi (KPK). De KPK, wettelijk opgericht in 2002, is gebaseerd op de Independent Commission Against Corruption (ICAC) van Hongkong. KPK heeft al met succes honderden zaken behandeld, inclusief zaken tegen de opperrechter van een Indonesisch grondwettelijk hof en de inspecteur-generaal van de politie. Er zijn al onderzoeken gevoerd tegen vooraanstaande zakenmannen, ministers en zelfs de zoon van voormalig president Susilo Bambang Yudhoyono. Er is volgens ons nog veel werk aan de winkel. Aangezien de ordehandhaving zwak is, gecombineerd met regionale autonomie, heerst er nog steeds overal corruptie. President Jokowi zal de inspanningen van de KPK moeten blijven ondersteunen en versterken. Hij erkent dat er voor het terugdringen van corruptie een mentaliteitsverandering moet plaatsvinden en introduceert een geestelijke revolutie in het onderwijssysteem, waarbij de nadruk al van jongs af aan zal liggen op karaktervorming.

De strijd tegen bureaucratische inefficiëntie zal volgens ons op meerdere fronten moeten worden gestreden. Deze omvatten het aantrekken van capabele medewerkers en het opzetten van een op verdiensten gebaseerd prestatiebeoordelingssysteem, inclusief betere indicatoren voor aansprakelijkheid en belangrijke prestaties, maar ook onaangekondigde bezoeken van topambtenaren, meer online systemen om de transparantie en eerlijkheid te verbeteren, en toekenning van het budget op basis van prioriteiten.

Beleggingsvooruitzichten

De Indonesische aandelenmarkt heeft het dit jaar tot nu toe heel goed gedaan en zit zo in het kielzog van de sterke prestaties van 2013, wat voor een deel is te verklaren door het hervormingsoptimisme met de komst van de nieuwe regering. President Jokowi is anders dan alle vorige presidenten sinds Indonesië onafhankelijk werd in 1945. Daarom denken we dat enig optimisme gerechtvaardigd is, hoewel het zoals eerder vermeld met vallen en opstaan zal gaan. Gelet op de recente ontwikkeling van de markt, is hij nu inderdaad duurder dan een of twee jaar geleden. Wij geloven echter nog niet dat de markt van Indonesië is overgewaardeerd, ervan uitgaande dat de macro-economische omgeving stabiel blijft.

Wij vinden potentiële beleggingskansen in veel sectoren die profiteren van bestaande demografische ontwikkelingen en verwachte hervormingen. Deze omvatten banken, die lenen aan snel groeiende bedrijven en hypotheken, kredietkaarten en andere retail bankproducten verschaffen aan consumenten, en bedrijven in de consumenten-, grondstoffen- en infrastructuursectoren.

Ook is er volgens ons nog ruimte voor aandelenbeleggingen om hun binnenlandse basis uit te breiden. Indonesië heeft in het verleden hoge rentevoeten en inflatie meegemaakt. Veel Indonesiërs verkiezen door de hoge rente dus hun spaargeld in contanten en deposito’s te houden, of te beleggen in vastgoed als afdekking tegen inflatie. Het feit dat veel Indonesische beleggers geld hebben verloren op de aandelenmarkt tijdens de Aziatische crisis van 1997-1998 heeft het beeld over aandelen als beleggingscategorie niet geholpen. Hoewel aandelen gepaard kunnen gaan met volatiliteit, vinden wij dit een aantrekkelijke activaklasse voor middellange tot lange termijn. De afgelopen 10 jaar bijvoorbeeld bracht de Jakarta Composite index (JCI) een jaarlijks rendement in US dollar op van net geen 20% per jaar.[6] Wij geloven dat er, met meer kennis over beleggen, een jongere beleggersgemeenschap en een omgeving van lagere en stabielere rente en inflatie, uiteindelijk meer belangstelling zal zijn voor aandelen in Indonesië, en ook in de wereldwijde beleggingsgemeenschap in het algemeen.

CFA® en Chartered Financial Analyst® zijn handelsmerken van het CFA Institute.

De verklaringen, meningen en analyses weerspiegelen de persoonlijke opvattingen van de beleggingsbeheerder en zijn louter bestemd voor informatieve doeleinden en voor het brede publiek. Zij mogen niet worden beschouwd als individueel beleggingsadvies of een aanbeveling of verzoek om welke effecten dan ook te kopen, te verkopen of te houden of om welke beleggingsstrategie dan ook te gebruiken. Ze vormen geen wettelijk of fiscaal advies. De informatie in dit document wordt verstrekt per de publicatiedatum en kan zonder kennisgeving veranderen en ze is niet bedoeld als een volledige analyse van elk belangrijk feit over een land, regio, markt of belegging.

Er kunnen bij de opstelling van dit materiaal gegevens van externe bronnen zijn gebruikt die niet door Franklin Templeton Investments (“FTI”) onafhankelijk zijn gecontroleerd of bevestigd. FTI aanvaardt geen enkele aansprakelijkheid voor enig verlies dat voortvloeit uit het gebruik van deze informatie, en het vertrouwen op de verklaringen, meningen en analyses in dit document valt uitsluitend onder de verantwoordelijkheid van de gebruiker. Producten, diensten en informatie zijn mogelijk niet in alle rechtsgebieden beschikbaar en worden alleen aangeboden door FTI-partners en/of hun distributeurs voor zover dat door de lokale wetten en regelgeving wordt toegestaan. Gelieve uw eigen professioneel adviseur te raadplegen voor meer informatie over de beschikbaarheid van producten en diensten in uw rechtsgebied.

Wat zijn de risico’s?

Alle beleggingen gaan met risico’s gepaard, waaronder een mogelijk verlies van het ingelegde kapitaal. Beleggingen in buitenlandse effecten houden speciale risico’s in, zoals wisselkoersschommelingen en economische en politieke onzekerheid. Beleggingen in landen met een opkomende markt, waar frontiermarkten een subset van vormen, gaan gepaard met grotere risico’s die verband houden met dezelfde factoren, boven op de risico’s die verbonden zijn aan hun relatief geringe omvang, de lagere liquiditeit en het gebrek aan een gevestigd wettelijk, politiek, zakelijk en sociaal kader om effectenmarkten te ondersteunen. Omdat deze kaders doorgaans nog minder ontwikkeld zijn op de frontiermarkten, en gelet op diverse factoren zoals het hogere risico van extreme koersvolatiliteit, illiquiditeit, handelsbarrières en deviezencontroles, gelden de risico’s van de opkomende markten nog sterker voor frontiermarkten.


[1]Bron: De Wereldbank, gegevens 2013.

[2]Bron: De Wereldbank, bbp-gegevens (huidig US$) 2013.

[3]Bron: McKinsey & Co., “The Evolving Indonesian Consumer,” november 2013.

[4]Ibid.

[5] Bron: De Wereldbank, “Economic Premise,” maart 2014. Gebaseerd op gegevens van 2012.

[6] Bron: Jakarta Stock Exchange Composite Index. Indexen worden niet beheerd en er kan niet direct in een index worden belegd. Het rendement in het verleden vormt geen waarborg voor toekomstige resultaten.

Leave a reply

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een* Verplichte velden zijn gemarkeerd met *